Procenten
Je telde in de vorige stap hoe vaak elk getal viel. Is 97 keer veel? Dat hangt af van het aantal worpen. In procenten kun je het vergelijken, ook tussen 60 en 6000 worpen.
Voorspel
Bij 60 worpen viel de zes 17 keer.
worpen = 60
zessen = 17
print(zessen * 100 // worpen)
Wat print dit?
Antwoord
28
17 van de 60 is 28,3 procent. // deelt en rondt naar beneden af, dus je
krijgt 28.
Zo werkt het
Een percentage is het deel van de keren, keer 100. Je vermenigvuldigt eerst
met 100 en deelt daarna met //. Andersom gaat het mis: 17 // 60 is al 0,
en 0 keer 100 blijft 0.
Onderzoek
- Zet
worpenop 6 en draai een paar keer. Komt elk getal één keer voor? - Zet
worpenop 6000. Hoe dicht komt elk getal nu bij 16 procent? - Maak de dobbelsteen vals.
random.choicekiest een willekeurig element uit een lijst. Vervangrandom.randint(1, 6)doorrandom.choice([1, 2, 3, 4, 5, 6, 6]). Zie je aan de uitvoer dat hij vals is bij 60 worpen? En bij 6000?
Antwoorden
- Bijna nooit. Meestal komt een getal twee of drie keer, en een ander helemaal niet. De kans dat elk getal precies één keer valt, is bij zes worpen maar 1,5 procent.
- Bij 6000 worpen ligt elk getal dicht bij 16 procent (een zesde is 16,7
procent, en
//rondt naar beneden af). Het verschil tussen de getallen is nog maar een paar procent. Hoe meer worpen, hoe beter de schatting. - Er staan twee zessen in de lijst, dus de zes komt twee keer zo vaak. Bij 60 worpen zie je dat meestal al: rond de 17 zessen, tegen rond de 9 van elk ander getal. Maar niet altijd, want bij zo weinig worpen schommelt elk getal flink. Bij 6000 zie je het zeker, de zes komt dan rond de 28 procent. Hoe kleiner het patroon dat je zoekt, hoe meer voorbeelden je nodig hebt.
Opdracht: vijf of zes
Je speelt een spel: gooi je 5 of 6, dan win je. Speel het 1000 keer na, en print hoeveel procent van de keren je wint. Bijvoorbeeld:
33 procent gewonnen
Begin klein, en breid de code stap voor stap uit:
- Draai de code een paar keer: hij gooit één keer, en zegt soms
gewonnen. - Zet de worp en de
ifin een loop vanworpenkeer. Je ziet nu een paar honderd keergewonnen. - Tel de keren in plaats van ze te printen: zet
gewonnen = 0boven de loop, tel er in deiféén bij op, en printgewonnenna de loop. - Print het percentage, met
gewonnen * 100 // worpen.
Tip
Zie je 0 procent? Kijk waar gewonnen = 0 staat. Staat het in de loop, dan
begint de teller bij elke worp opnieuw.
Antwoord
import random
worpen = 1000
gewonnen = 0
for i in range(worpen):
ogen = random.randint(1, 6)
if ogen >= 5:
gewonnen = gewonnen + 1
print(gewonnen * 100 // worpen, "procent gewonnen")
Je komt rond de 33 procent uit: 2 van de 6 getallen laten je winnen, en 2 op de 6 is een derde.
Door naar twee dobbelstenen.